
Nogmaals hartelijk dank voor de organisatie van onze reis. Iedereen vond het erg gaaf en baalde dat we na 2 weken alweer naar huis moesten. Alles was perfect geregeld. We hadden helaas niet echt goed weer in Montanita en was iedereen daardoor achteraf liever wat langer in Cuenca gebleven. Maar verder geen reden tot klagen ;-)
Lustrumreizen leiden bij voorkeur naar verre, warme landen. Dus kozen we een land dat 9100 km verwijderd was van Nederland en geografisch gezien het dichtst bij de zon lag: Ecuador. Succes verzekerd dus. Na ongeveer 13 uur vliegen landden we in Quito, de hoofdstad van Ecuador. Er was een gevarieerd programma samengesteld met veel cultuur, avontuur, sport en ontspanning. In Quito kwam het de eerste dag toch vooral aan op het laatste, want al rap bevonden wij ons in een plaatselijke club waar de een al snel opging in de ritme’s van de reggaeton (ta, tatata, ta, tatata, ta), terwijl de ander nog even de kat uit de boom keek. De avond eindigde vroeg in de ochtend en rond een uur of zeven lagen we allen lekker te slapen. De volgende dag stond in het teken van sport. Hoewel het gros van de Jackals er de voorkeur aan gaf naar sport te kijken in het plaatselijke voetbalstadion, waren er een zestal dappere Jackals die de Rucu Pichincha (4680 meter) zouden bedwingen. Dit bleek bepaald geen sinecure, temeer, omdat we slechts enkele uren slaap hadden genoten en geheel onvoorbereid (lees 0,5 liter water per persoon en geen eten) de tocht naar boven aanvingen. Na rond half 12 te zijn gestart slonk ons zestal al snel naar een vijftal, omdat de maag van ‘het standbeeld’ zich na enkele honderden meters al besloot te legen om daar vervolgens niet meer mee op te houden. Natuurlijk bereikten de vijf de top, ook al waren de condities erg zwaar, en volledig gesloopt voegden zij zich tegen achten weer bij de rest, maar niet voordat één van de vijf nog het leven had gered van een op de top gestrande klimmer die zijn knie had verdraaid en niet meer verder kon.
Na enkele dagen Quito was het tijd om de bewoonde wereld te verlaten en de bergen in te trekken om te mountainbiken. Let wel, downhill, want we gingen natuurlijk niet zelf naar boven fietsen. Daarvoor waren busjes geregeld. Na een enerverende rit naar beneden met de nodige valpartijen werden we naar de Termas de Pappallacta gebracht door onze buschauffeur. Daar lagen een prachtig hotel en de door de Volcán Antisana verwarmde hete bronnen. Onmiddellijk na aankomst lieten wij ons in de gloeiend hete baden zakken om er aan het eind van de avond gerimpeld, beneveld, maar voldaan weer uit te klimmen.
De volgende dag trokken we van een hotel met alle luxe naar precies het tegenovergestelde: een lodge diep in de Ecuadoriaanse jungle. Er was geen elektriciteit, dus dat betekende eten, douchen en drinken bij kaarslicht. De lodge was enkel per boot bereikbaar. In de twee dagen dat we er zaten maakten we kennis met de geheimen van de jungle, werden we meegenomen naar een inheems dorp, schoten we darts met een blowgun en bezochten we een animal rescue centre waar apen vrijelijk konden rondlopen.
Na twee nachten moesten we tot onze grote spijt alweer door. Ditmaal was Banos de bestemming, een klein stadje, omringd door hoge bergtoppen. Hier was veel ruimte voor vrije tijd. Dus werd er volop quad gereden, gevoetbald (en verloren) tegen de plaatselijke talenten en uit gegaan. Die avond bleek niemand in Banos veilig voor de Jackals, zelfs moeders niet… De dag daarna werd er geraft op een nogal wilde rivier. Zo wild dat geen enkele Jackal het droog wist te houden, want stuk voor stuk sloegen meer dan eens overboord.
De tijd raasde voort en voordat we het wisten werd de reis alweer voortgezet richting Cuenca, een koloniale stad waar de invloed van de Spanjaarden nog goed merkbaar was in het straatbeeld. We kregen een nachtelijke rondleiding die door een select groepje de volgende ochtend werd voorgezet. Anderen sliepen toen nog uit, omdat er de avond daarvoor weer stevig was gedronken in een plaatselijke club. In Cuenca bleven we maar één dag, hoewel het zeker de moeite waard was geweest om langer te blijven. We hadden echter alweer iets moois om naar uit te kijken. Om onze reis in stijl af te sluiten gingen we vier dagen genieten van zon, zee en strand in Ecuador’s bekendste surfdorp: Montanita. Het dorp was misschien klein, maar dat werd meer dan goed gemaakt door de vele bars en openluchtclubs die het dorpje rijk was. Er werd elke dag tot diep in de nacht gezongen, gedronken en gedanst met de plaatselijke schoonheden. Onze reggaeton skills werden tot het uiterste getest. Ook ondernamen we nog een excursie naar Isla la Plata, een Galapagos-achtig eiland met bijzondere vogels en goede snorkelmogelijkheden. Tevens werden er walvissen gespot die hoog boven de golven uitsprongen. De overige dagen werd er gezwommen, gesurft, althans een poging gedaan, gerelaxt, gebeachvolleybald en gedronken. Er lag dan ook een gepeperde hotelrekening klaar toen wij na vier dagen weer landinwaarts trokken richting Guayaquil. Gelukkig lagen we ver voor op het budget en ook in Guayaquil konden we het er flink van nemen. Naast het bekijken van de stad en Miss Ecuador die we bij toeval tegen het lijf liepen, speelden onze activiteiten zich natuurlijk voornamelijk ’s avonds af in Guayaquil’s beste clubs. De meeste van deze clubs waren voor de gewone Ecuadoriaan onbetaalbaar, maar dankzij de lage dollar waren de prijzen net acceptabel voor Europeanen.
Helaas komt aan alles een einde en zo ook aan onze lustrumreis naar Ecuador. Rond een uur of 4.30 ’s nachts vertrokken de laatste jongens uit club Fizz om zich bij de groep te voegen. Onze bus zou namelijk om uiterlijk 6 uur ’s ochtends richting het vliegveld rijden om de vlucht terug naar Nederland te kunnen halen. Op het vliegveld aangekomen waren we allemaal bedroefd en er werden door enkelen zelfs plannen gesmeed om het verblijf in Ecuador te verlengen, maar toen het puntje bij paaltje kwam bevonden wij ons allemaal in het vliegtuig terug naar Hollanda. Daar kwamen we de volgende ochtend om 7 uur plaatselijke tijd aan (13 uur vliegen + 7 uur tijdsverschil). We dronken gezamenlijk nog één kop koffie, waarna onze wegen zich scheidden. Zo eindigde na 16 dagen de lustrumreis. 1600 foto’s en vele ervaringen rijker…